Aan het woord....Hilde Niehoff, programmaleider van de specialisatie Agressie bij Trajectum en GZ- psycholoog

Trajectum helpt daders grip op hun agressie te krijgen Het programma ‘Grip op Agressie ’ is bedoeld voor mensen met een lichte verstandelijke beperking en agressief (delict)gedrag. Ruim vier jaar geleden vroeg de aanbieder, Trajectum, om erkenning. Die kwam er na een periode van hard werken.

‘Erkenning is waarborg voor behandelkwaliteit’

Hilde Niehoff, programmaleider van de specialisatie Agressie bij Trajectum en GZ- psycholoog, is nog steeds blij met de erkenning van destijds. ‘Wij beschouwen de erkenning als een officiële bevestiging van onze expertise in het werken met de doelgroep, zowel forensisch als niet-forensisch. We gaan in juli van dit jaar dan ook verlenging van de erkenning aanvragen.’

Ervaring en wetenschap

De erkenning plaveide niet alleen het pad naar erkenning, maar bood Trajectum gedurende de aanvraag ook de mogelijkheid om Grip op Agressie te “verwetenschappelijken.” ‘We hadden er al veel ervaring mee opgedaan, maar omwille van de erkenning zijn we heel precies gaan kijken op welke theoretische basis het programma feitelijk rust, welke criminogene factoren oftewel risicofactoren verantwoordelijk zijn voor dit risicovolle gedrag en dus minimaal in het behandelprogramma verwerkt moeten zijn. Daarnaast hebben we gekeken, samen met cliënten, naar wat in de praktijk wel en niet werkt om agressief gedrag te voorkomen of beheersbaar te maken.’

Om de kwaliteit van een behandelprogramma te borgen, moet een instelling samen met de cliënt deze slag naar “verwetenschappelijking” maken, vindt Niehoff. ‘De vragen van de erkenningscommissie naar definiëring van de problematiek en de inclusie- en exclusiecriteria van Grip op Agressie hebben daarbij geholpen.’

Agressie precies definiëren

Voor een erkenning van zijn programma moet een instelling de problematiek waarvoor een programma is ontwikkeld precies definiëren. Bij Grip op Agressie is dat agressie, de naam van het programma zegt het al. Agressie is echter een containerbegrip en behoeft nadere uitleg wil het iets betekenen. ‘We hebben de problematiek daarom nader moeten omschrijven.’

In principe zouden automutilatie en brandstichting ook onder onze definitie van agressief gedrag kunnen vallen, zegt Niehoff, maar Trajectum heeft hier een apart behandelprogramma voor. Het is een van de keuzes die Trajectum in de erkenningsprocedure moest maken. ‘Dat was soms reuze ingewikkeld, maar het voordeel is wel dat we daardoor werken met duidelijke begrippen wat ons handvatten biedt om ook in de instelling zelf met agressie en boosheid om te gaan.’

In zijn aanvraag heeft Trajectum exact moeten aangeven voor wie Grip op Agressie feitelijk bedoeld is. Alleen voor mensen met een persoonlijkheidsstoornis of ook voor mensen met milde psychiatrische problematiek? Niehoff: ‘De criteria hebben we keurig beschreven, maar het is, denk ik, goed om te vermelden dat voorafgaande aan de deelname aan Grip op Agressie een deskundige observatie en diagnostiek moet plaatsvinden waardoor er een totaalbeeld geformuleerd wordt van de mogelijkheden en beperkingen van de cliënt met agressief gedrag. Doel daarvan is om te bepalen welke persoonlijke, op maat gesneden behandeling de cliënt nodig heeft.’

Juiste woorden gebruiken

De eerste aanvraag, in 2011, van Grip op Agressie leidde niet onmiddellijk tot erkenning. Niehoff legt uit dat dit voornamelijk te maken had met het optimaliseren en formuleren van de evaluatie- en beoordelingshandleiding. ‘Dat was een dingetje hoor! Met een deskundig en gespecialiseerd team van Trajectum hebben we besluiten genomen over het gebruik van gevalideerde meetinstrumenten voor onze doelgroep en het onderzoeksdesign met betrekking tot beoordeling en evaluatie.

Niehoff zegt, en anderen zeggen het haar na, dat de erkenningsprocedure veel tijd vergt. Dat komt doordat het programma soms geherformuleerd moet worden. ‘De commissie wil dat je begrippen gebruikt die passen bij het theoretisch concept, en dat je die ook nader toelicht. Zinnen als ‘toetsen van geleerde vaardigheden’ vond de commissie te algemeen en werden geretourneerd met de vraag naar welke criteria en vaardigheden wij bij deze toetsing hanteren.  

De tijdsinspanning hangt bovendien samen met de omvang van de beschrijving van het gehele programma. De beschreven handleidingen - theorie, behandelprogramma, management, opleiding en beoordeling/evaluatie - zijn gericht op het implementeren van Grip op Agressie, en het borgen van het behandelprogramma binnen de instelling en de nazorg.

Niehoff vindt er overigens niets mis mee dat de erkenningscommissie aanvragers dwingt om nauwkeurig na te denken over de gebruikte terminologie en de gehele beschrijving. ‘Integendeel, de kritische houding van de commissie heeft de kwaliteit van ons programma positief beïnvloed. Begrippen als responsiviteit en programma-integriteit staan centraal. Maar de erkenningsprocedure heeft wel een groot beroep gedaan op ons doorzettingsvermogen.’

Geen twijfel

Ondanks dat de erkenningsprocedure veel tijd en energie kost, kent Niehoff geen enkele aarzeling ten aanzien van de aanvraag tot verlenging van het “keurmerk.” ‘Voor ons geeft erkenning aan dat we goed bezig zijn, om cliënten met een bepaalde problematiek een optimale behandeling te geven. De cliënten met risicovol agressief gedrag krijgen binnen Trajectum hierdoor een behandeling waar ze recht op hebben. Erkenning is met andere woorden borging van behandelkwaliteit.’

Wat overigens helpt, erkent Niehoff, is dat de commissie meer rekening houdt dan voorheen met welke informatie al voorhanden is en grotere ruimte biedt bij de uitvoering. ‘De uitvoering van de interventie zoals beschreven in de programmahandleiding vormt de basis voor programma-integriteit, maar het is niet de bedoeling dat dit leidt tot rigide handelen.’ Niehoff merkt opgelucht op dat de commissie in zijn beoordeling genoeg ruimte biedt zodat behandelaren kunnen blijven beantwoorden aan de individuele leerstijl en voorkeuren van deelnemers of cliënten.